Hoe werkt het Leonardo concept in de praktijk?

  • Er is bij Leonardo onderwijs sprake van een middenbouw (groep 3-4-5) en een bovenbouw (groep 6-7-8)
  • Het programma bestaat naast de reguliere vakken taal, rekenen, spelling, begrijpend lezen, schrijfvaardigheid ook uit typische Leonardovakken en projecten.
  • De Leonardo vakken die worden aangeboden zijn: engels, informatica, schaken, filosofie, muziek, leren leren, spaans, sova (sociale vaardigheden)
  • Daarnaast zijn we de vakken leren ondernemen en science aan het ontwikkelen.
  • Er wordt op twee manieren aan projecten gewerkt: de leerkracht kiest een aantal projecten waar alle kinderen aan werken en de leerlingen kiezen zelf projecten uit die hun belangstelling hebben. Werken aan zelfgekozen projecten noemen we Leonardo tijd.
  • De leerstof wordt zo veel mogelijk topdown aangeboden, werkend vanuit het geheel en daarbij aangevend welk onderdeel daarvan geoefend of geleerd gaat worden. Dit is een wezenlijk verschil met het reguliere onderwijs waar meestal van deel naar geheel gewerkt wordt.

Niveau

Om te kunnen bepalen welke niveau de kinderen bij binnenkomst op het Leonardo hadden zijn alle kinderen doorgetoetst. Hierdoor is nauwkeurig bepaald op welk niveau ze ingestapt zijn. Het is niet zo dat Leonardo kinderen geen achterstanden kunnen hebben. We sporen hiaten in de ontwikkeling op en gaan er mee aan de slag. De kinderen werken veelal op hun eigen niveau. We werken met portfolio’s waardoor de kinderen mede-eigenaar worden van hun eigen leerproces.

Naar buiten gericht

Leonardo onderwijs is in principe naar buiten gericht. Dat wil zeggen: de echte wereld is de school. In het lesprogramma is ruimte voor gastlessen, excursies en uitstapjes en wordt nadrukkelijk samenwerking gezocht met bedrijven of instellingen waar zaken die in theorie geleerd zijn, in de praktijk ook daadwerkelijk bekeken kunnen worden. 

Investeren in jong talent is immers investeren in uw toekomst!